We waren inclusief mijzelf met zijn veertienen én allemaal op tijd. Allen konden zich laven aan koffie of thee. Na iedereen welkom te hebben geheten en onze gastvrouw (Bernadette) en onze gastheer (Marnix) te hebben voorgesteld, gaf ik het woord over aan Marnix. Deze verzorgde in woord en beeld een presentatie over het ontstaan van de KNRM. In 1824 is zowel in Amsterdam als in Rotterdam een reddingsmaatschappij opgericht. In de jaren negentig van de vorige eeuw fuseerden beide organisaties en vormden toen de Koninklijke Nederlandse Redding Maatschappij (KNRM). Nu zijn er 45 stations verspreid over (de kusten van) heel Nederland. Elk station werkt samen met de Kustwacht (die verantwoordelijk is voor het reddingswerk), de Brandweer, de Ambulance, de Politie, de Reddingsbrigade en de Marine. Elk station heeft ten minste één (grote) boot. Sommige stations hebben één grote en één kleine boot. Andere stations hebben één grote en één kleine boot én nog een hulpverleningsvoertuig. Tot deze groep behoort het station Scheveningen. De grote boot draagt de naam Kitty Roosmale Nepveu en de kleine boot Jaap Pronk. Beide boten liggen afgemeerd naast het station (de kleine boot in een gesponsord botenhuisje). Zowel de boten als het hulpverleningsvoertuig zijn uitgerust met communicatieapparatuur, radar, brandblusapparatuur, pompen, EHBO-koffers, brancard. Het station Scheveningen telt 43 bemanningsleden, waaronder 15 vrouwen. Eén beroepsschipper en vier vrijwillige schippers behoren tot die bemanningsleden. Er werden na de presentatie veel vragen gesteld en beantwoord. Vervolgens werd het station bezocht en daarna de grote reddingboot. Ook daar vonden geanimeerde gesprekken plaats. Tot slot dankte ik de vrijwilligers van de KNRM-Scheveningen en de (enthousiaste) Vrienden en riep hen op donateur te worden. Allen vonden dit een leerzame en bijzondere excursie!